Hoi An, Vietnam: de stad van de lampionnen
Door Blaise Jaeger · Bijgewerkt op 28 augustus 2026
Waarom Hoi An bezoeken?
Hoi An is de enige stad in Vietnam waar niemand haast heeft. De oude stad is afgesloten voor auto’s, na 17.30 uur grotendeels ook voor scooters, en tegen de tijd dat de zon achter de pannendaken zakt, is het luidste geluid in de Bach Dang-straat een fietsbel. Boven de steegjes gaan zijden lampionnen aan in rood, oranje en magenta, houten bootjes glijden over de Thu Bon met een brandende kaars in de boeg, en een stad die vier eeuwen lang peper, zijde en keramiek verhandelde met Japan en China verandert in iets wat in scène gezet lijkt en dat niet is.

Bijzonder is niet dat de stad mooi is. Mooie steden heeft Azië genoeg. Bijzonder is dat Hoi An ongeschonden is. Toen de Co Co-rivier in de negentiende eeuw dichtslibde en Da Nang in 1888 Franse concessie werd, vertrokken de kooplieden en stierf de haven — en juist doordat hij stierf, heeft niemand de stad gesloopt. Zo’n 1.100 houtbouwpanden kwamen ongerept de twintigste eeuw door, en daarom zette UNESCO de oude stad in december 1999 op de Werelderfgoedlijst als uitzonderlijk goed bewaard voorbeeld van een Zuidoost-Aziatische handelshaven. Armoede was het conserveringsplan.
En Hoi An is klein genoeg om te belopen en rijk genoeg om je dagen vast te houden. Op één ochtend eet je een kom noedels die nergens anders ter wereld bestaat, laat je een jasje opmeten, fiets je door rijstvelden waar nog met de hand geplant wordt, en sta je in een hindoeïstisch tempelcomplex uit de negende eeuw midden in de bergen. Die combinatie — een beloopbare oude stad, een serieuze keuken, platteland en strand op tien minuten en een Cham-heiligdom op een uur — is waarom de meesten die twee nachten plannen er uiteindelijk vier blijven.
Hoi An in het kort
- Waar: Midden-Vietnam, aan de Thu Bon-rivier, 30 km ten zuiden van de internationale luchthaven van Da Nang
- Bestuurlijk: sinds 1 juli 2025 hoort Hoi An bij de stad Da Nang — de provincie Quang Nam bestaat niet meer. Oudere gidsen en hotelvermeldingen schrijven nog steeds „Hoi An, Quang Nam”
- UNESCO-Werelderfgoed: sinds 12 december 1999, criteria (ii) en (v) — 30 hectare kerngebied en 280 hectare bufferzone
- Bekend om: zijden lampionnen, de Japanse Brug, cao lau-noedels, kleermakers, het lampionnenfeest bij volle maan en het nabijgelegen My Son
- Toegangsprijs oude stad: 120.000 VND (ongeveer 4 €) — zie het aparte kopje, de regels zijn in februari 2026 veranderd
- Beste reistijd: februari tot mei. April is de droogste maand van het jaar
- Slechtste tijd: oktober en november — 419 mm en 459 mm regen, en de oude stad loopt bijna elk jaar onder
- Drukste uren: 18.00 tot 21.00 uur aan de rivier. Rustigst: voor 8.00 uur, overal
- Vervoer ter plaatse: te voet in de oude stad, met de fiets voor de rest — de meeste accommodaties lenen ze gratis uit
- Doorsnee lunch: 30.000-70.000 VND (1,15-2,70 €) in een lokale zaak, 150.000-300.000 VND in een gerestaureerd koopmanshuis
- Munt: Vietnamese dong. Ongeveer 30.000 VND per euro in augustus 2026
Twee nachten in Hoi An, en waarom het mijn favoriete stad van Vietnam werd

Ik kwam in april 2024 in Hoi An aan, midden in een reis van zuid naar noord door Vietnam. Ik vloog van Ho Chi Minhstad naar Da Nang en bracht vijf nachten in de regio door, van 6 tot 11 april, waarvan twee in Hoi An — de 9e en de 10e — voordat ik doorvloog naar Hanoi. Ik logeerde in het Grand Sunrise Palace Hoi An en huurde een scooter, wat de makkelijkste manier bleek om alles te bereiken wat in de omgeving de moeite waard is. Van alle steden die ik op die reis zag, is Hoi An degene waar ik het eerst naar terug zou gaan. De oude stad heeft charme, ze is rustig, ze ligt aan de rivier, en eromheen valt heel veel te zien — die combinatie bestaat nergens anders in het land.
Wat ik me het best herinner, is meteen ook het toeristischste wat je hier kunt doen, en ik ga niet doen alsof dat anders is. Je betaalt een bootvrouw om je twintig minuten over de Thu Bon te roeien, koopt een papieren lotusje met een kaarsje erin, doet een wens en zet het op het water. Het is een cliché. En het is tegelijk oprecht ontroerend om je eigen lichtje tussen de boten weg te zien drijven, en ik zou het zo weer doen. Doe het laat — na 21.00 uur, als de groepen weg zijn en de rivier leegloopt.
De geschiedenis van Hoi An: van Cham-haven tot UNESCO-erfgoed
Lam Ap Pho: de handelshaven van de Cham
Hier wordt al heel lang handelgedreven. Archeologen registreerden rond Hoi An meer dan vijftig vindplaatsen van de Sa Huynh-cultuur, met daarbij munten uit de Han-dynastie en ijzeren werktuigen van westelijk Han-type: bewijs van handel tot in de eerste eeuw v.Chr. Van de zevende tot de tiende eeuw beheerste het Cham-rijk deze kuststrook en organiseerde het in drie polen: My Son was het spirituele centrum, Tra Kieu (Simhapura) de politieke hoofdstad, en de riviermonding — Lam Ap Pho — de handelshaven. In 1471 annexeerde de Vietnamese keizer Le Thanh Tong Champa en kwam de stad in Vietnamese handen.
Faifo: de gouden eeuw, 1570 tot 1775
Westerlingen noemden de haven Faifo, waarschijnlijk een verbastering van Hoi An Pho — het woordenboek van Alexandre de Rhodes uit 1651 omschrijft „Hoai Pho” als een Japanse nederzetting in Cochinchina, „ook Faifo genoemd”. Vanaf 1570 heersten de Nguyen-heren in het zuiden en zetten zij, anders dan hun Trinh-rivalen in het noorden, alles op handel. Faifo werd de drukste internationale haven van Zuidoost-Azië.
De Japanners kwamen als eersten en in aantallen: tussen 1604 en 1635 voeren minstens 356 Japanse koopvaardijschepen naar Zuidoost-Azië, waarvan er 75 in Hoi An aanlegden. Vanaf 1617 bestond er een volwaardige Japanse wijk, en een Nederlands verslag uit 1651 beschrijft een zestigtal Japanse stenen huizen dicht opeen langs de rivier — juist in steen gebouwd als bescherming tegen brand. Daarna sloot Tokugawa-Japan zich af, bleven de Japanse handelaars weg en namen de Chinezen het over. Na de val van de Ming-dynastie vestigden zich golven Chinese immigranten, grotendeels uit Fujian; in de achttiende eeuw beheersten zij de haven, en daarom zijn de spectaculairste gebouwen van de stad Chinese verenigingshuizen. Er kwamen tien tot twaalf schepen per jaar uit Japan, Guangdong, Siam, Cambodja, Manilla en Indonesië.

De neergang die de stad heeft gered
Drie dingen hebben Faifo om zeep geholpen. In 1775 verwoestte het Trinh-leger, oprukkend tegen de Tay Son-opstand, een groot deel van de koopliedenwijk en spaarde alleen de religieuze gebouwen; een reiziger trof in 1778 de bakstenen huizen verdwenen en de geplaveide straten verlaten aan. Daarna kantelde de geografie: de Dai-monding versmalde en de Co Co-rivier slibde dicht, zodat grote schepen de stad niet meer bereikten. (Overal lees je dat „de Thu Bon dichtslibde” — dat is een versimpeling.) Ten slotte werd Da Nang in 1888 Franse concessie, verhuisden de Chinese kooplieden daarheen en deed Hoi An commercieel niet meer mee. In 1976 werd Da Nang provinciehoofdstad en raakte Hoi An volledig in vergetelheid — precies daarom staat het er nog. In de jaren negentig leidde de Poolse architect Kazimierz Kwiatkowski de reddingscampagne die de stad terugbracht in de aandacht van de wereld. Er zijn een straat en een monument naar hem vernoemd.
De oude stad: bezienswaardigheden en hoe het ticket écht werkt
De toegangsprijs, uitgelegd (die is in februari 2026 veranderd)
Hierin lopen bijna alle gidsen achter. Op 21 februari 2026 trad een nieuw besluit van de Volksraad van Da Nang in werking dat de erfgoedtarieven vastlegt, en dat zegt uitdrukkelijk dat ze gelijk gelden voor Vietnamezen en buitenlanders. De dubbele prijslijst is officieel afgeschaft.
Aan de loketten worden in de praktijk twee formules verkocht. Het ticket van 80.000 VND (ongeveer 2,70 €) dekt de oude stad in het algemeen plus één monument — de Japanse Brug of de Quan Cong-tempel — plus twee historische panden naar keuze. Dat van 120.000 VND (ongeveer 4 €) dekt de oude stad, één monument, museumtoegang en drie historische panden. Beide zijn boekjes met afscheurbonnen, in de praktijk dus: ongeveer vijf locaties uit een twintigtal. Gratis voor kinderen onder de 16, studenten en iedereen boven de 60. Vanaf acht tickets is een gids inbegrepen.
Twee eerlijke kanttekeningen. Ten eerste: om door de straten te lopen heb je geen ticket nodig. In mei 2023 probeerde men het verplicht te stellen om de oude stad binnen te komen; die poging stortte op dag één in en is nooit op individuele reizigers toegepast. Voor de historische panden heb je het wel nodig, en daar wordt er ook naar gevraagd. Ten tweede: de officiële geldigheid varieert per bron van 24 uur tot drie dagen; in de praktijk kijkt niemand naar de datum op een ongebruikte bon. Er zijn elf tot dertien loketten bij de toegangen tot de oude stad, ongeveer open van 7.30 tot 21.00 uur.
De Japanse Brug (Chua Cau)
Tien meter overdekte houten brug met een tempeltje aan de noordkant, uit het begin van de zeventiende eeuw — het restauratiedossier houdt het op 400 jaar oud, dus omstreeks 1624. Ze staat op het biljet van 20.000 VND en is het meest gefotografeerde object van Vietnam.
Wie hier tussen december 2022 en juli 2024 was, zag alleen steigers. De grote restauratie liep van 28 december 2022 tot eind juli 2024, en de brug ging op 3 augustus 2024 weer open — ze is dus al twee jaar volledig te bezoeken. Bijna 60 % van het oorspronkelijke hout, 30 % van de dakpannen en 80 % van de oude panelen werden bewaard en teruggeplaatst, en men besloot bewust niet opnieuw te schilderen. Bij de heropening kreeg ze kritiek omdat ze er te nieuw uitzag. Ga vroeg: om 7.00 uur fotografeer je haar leeg, om 10.00 uur niet meer.
De koopmanshuizen: Tan Ky, Phung Hung en Duc An
Huis Tan Ky, 101 Nguyen Thai Hoc, open van 8.00 tot 17.30 uur, is degene die je moet kiezen als je er maar één ziet. Het is zo’n 280 jaar oud, de zevende en achtste generatie van de familie Le woont er nog, het geraamte is zonder één spijker in elkaar gezet, en de architectuur is een rechtstreekse versmelting van Japans, Chinees en Vietnamees timmerwerk. Let op de hoogwatermerken in de muur — het hoogste is van 1964, toen het water tot aan het plafond van de begane grond stond.
Huis Phung Hung, 4 Nguyen Thi Minh Khai, direct voorbij de Japanse Brug, werd in 1780 gebouwd en rust op zo’n tachtig zuilen van ijzerhout. De achtste generatie van de familie woont er nog. Het detail dat niemand aanwijst: er zit een luik in het plafond om de meubels naar boven te hijsen wanneer de rivier het huis in kwam. Dat is werkende hoogwaterarchitectuur.
Huis Duc An, 129 Tran Phu, uit 1830, is historisch het interessantst en het minst bezocht. Het was een boekhandel gespecialiseerd in Han-Nom-literatuur, bezocht door de patriottische geleerden van die tijd onder wie Phan Chu Trinh, en in 1927 werd er de Hoi An-afdeling van de Revolutionaire Jeugdbond opgericht — een station op weg naar de Vietnamese Communistische Partij.
De Chinese verenigingshuizen
Het zijn er vijf en het ticket dekt er drie. Het Fujian-huis (Hoi quan Phuc Kien), 46 Tran Phu, gesticht in de jaren 1690 en vanaf 1757 in baksteen herbouwd, is het grootste en het theatraalste — een drievoudige keramische poort en binnen Thien Hau, de zeegodin die de zeelieden beschermde. Het Kantonese huis, 176 Tran Phu (1885) werd in China vervaardigd, in delen verscheept en hier gemonteerd; in 1911 werd het aan Quan Cong herwijd. Het Chaozhou-huis, 157 Nguyen Duy Hieu (1845) heeft het fijnste houtsnijwerk van de stad en vrijwel geen rij. Goed om te weten: het huis van de Chinese gemeenschap aan de Tran Phu is gratis, en dat van Hainan aan de Nguyen Duy Hieu herdenkt 108 Hainanese kooplieden die in 1851 ten onrechte werden terechtgesteld.
De Quan Cong-tempel en de musea
De Quan Cong-tempel, 24 Tran Phu (1653), open van 6.00 tot 17.00 uur, is gewijd aan generaal Guan Yu uit de Drie Koninkrijken, vereerd als god van trouw en goede trouw — met andere woorden: de god van de kooplieden. Hij is het alternatief voor de Japanse Brug in het ticket van 80.000 VND. Het Museum voor Handelskeramiek, 80 Tran Phu, zit in een prachtig gerestaureerd negentiende-eeuws houten huis en toont keramiek die van de negende tot de negentiende eeuw over de zeeroutes werd verhandeld; op de vijftiende van elke maand is het gesloten.
En dan is er nog dat waar bijna niemand over praat: het Precious Heritage Museum, 26 Phan Boi Chau, open van 8.00 tot 20.00 uur, is volledig gratis en valt buiten het ticketsysteem. Het toont het portretproject van Réhahn, dat alle 54 etnische groepen van Vietnam documenteert, met ruim zestig traditionele klederdrachten op 500 vierkante meter in een negentiende-eeuws Frans gebouw. Het was het eerste Vietnamese museum op Google Arts & Culture.
Lampionnen, boten en het volle-maanfeest

De boottocht met lampion: wat het kost en hoe je niet wordt afgezet
De tarieven worden door de gemeente vastgesteld en hangen uit, en ze gelden per boot, niet per persoon: 170.000 VND voor één tot drie personen, 220.000 VND voor vier tot vijf. Maximaal vijf per boot; peuters tellen niet mee en varen gratis. De tocht duurt vijftien tot twintig minuten, en de boten varen van 16.00 tot 21.30 uur.
Koop alleen bij de vijf officiële loketten aan de kade — drie aan de Bach Dang, twee bij de nachtmarkt en de An Hoi-brug. De kaartjes hebben kleurcodes: geel voor één tot drie, rood voor vier tot vijf. Contant in dong; kaarten worden niet geaccepteerd. Spreekt iemand je op straat aan met een betere prijs, loop dan door. De papieren lotussen koop je apart bij de verkoopsters langs de oever, voor 5.000 tot 10.000 VND per stuk — koop bij de oudere vrouwen die ze vouwen, niet bij de kinderen die ze aanbieden. Eén ding moet hardop gezegd: duizenden kaarslampions per avond zijn een echt vervuilingsprobleem voor de Hoai, en de stad weet dat. Eén lampion is een mooi gebaar. Een dozijn niet.
Wil je het liever geregeld hebben, met boot en lampion inbegrepen, dan kun je de avondboottocht met drijvende lampion vooraf boeken.



Het lampionnenfeest bij volle maan
Het valt op de veertiende dag van elke maanmaand — de avond vóór volle maan, niet op volle maan zelf, en dat is de meest verbreide vergissing. Dat betekent twaalf of dertien keer per jaar, niet één keer. En ja, de stroom gaat echt uit: van ongeveer 18.00 tot 22.00 uur valt de elektrische verlichting van de oude stad weg en zijn de lampionnen de enige noemenswaardige lichtbron. Scooters zijn vanaf 17.30 uur uit de kern geweerd, en het oplaten van de drijvende lampionnen piekt tussen 19.00 en 21.00 uur langs de Hoai, tussen de An Hoi-brug en de Cam Nam-brug.
De resterende data van 2026 zijn 24 september (de avond vóór het Midherfstfeest — de mooiste van het jaar), 23 oktober, 22 november en 22 december. In 2027 begint het op 21 januari, gevolgd door 19 februari, de eerste van het maanjaar en de grootste. De latere data van 2027 zijn nog niet officieel gepubliceerd — check ze ter plaatse voordat je er een reis omheen bouwt.
Een lampion kopen om mee te nemen
Het ambacht gaat terug op het dorp Xa Duong aan het eind van de zestiende eeuw, toen Chinese en Vietnamese ambachtslieden samen in de haven werkten; ruim vijftig huishoudens maken ze nog. Een met zijde bespannen bamboeframe kost op de nachtmarkt 50.000 tot 250.000 VND en in een echte winkel 250.000 tot 400.000, met grote maatwerkstukken ruim boven het miljoen. Koop de opvouwbare — het frame klapt plat en past in de koffer. Een workshop van één tot twee uur om er zelf een te maken kost 250.000 tot 375.000 VND.
Hoi An in één dag: wandelroute
7.00 – 9.00 uur: de oude stad voordat ze wakker wordt
Dit is het uur dat rechtvaardigt dat je hier slaapt in plaats van een dagtocht uit Da Nang te maken. Loop de Tran Phu en de Nguyen Thai Hoc af terwijl de rolluiken nog dicht zijn, fotografeer de Japanse Brug zonder een mens erbij, en ontbijt op de centrale markt op de hoek van Tran Phu en Hoang Dieu: de eethal opent om 7.00 uur, er zijn vierentwintig kraampjes en een kom kost 20.000 tot 50.000 VND. Ga door een zijdeur naar binnen in plaats van door de hoofdingang, dan laten ze je met rust.
9.00 – 12.30 uur: de ticketlocaties
Koop het boekje van 120.000 VND bij het eerste loket dat je tegenkomt en besteed de ochtend aan de vier of vijf locaties die het dekt. Een goede route: de Japanse Brug, dan meteen erachter huis Phung Hung, terug over de Tran Phu naar het Fujian-huis, daarna Tan Ky op nummer 101 van de Nguyen Thai Hoc en de Quan Cong-tempel aan de oostkant. Dat is een rondje van zo’n 1,5 km met alles erop. Heb je iets met fotografie, loop dan die vijf minuten extra naar het gratis Precious Heritage Museum aan de Phan Boi Chau.

12.30 – 16.00 uur: eten, dan weg uit de hitte
Eet cao lau. Pak daarna een fiets en rijd de 3 km noordoostwaarts naar het groentedorp Tra Que of de 3 km westwaarts naar het pottenbakkersdorp Thanh Ha — allebei vlakke, makkelijke ritten door rijstvelden, en allebei halen ze je precies uit de oude stad op het uur dat de touringcars arriveren. Wil je liever het water in: het strand van An Bang ligt 4 km verderop aan diezelfde vlakke weg. Dit is ook het moment voor de eerste pasbeurt bij de kleermaker, als je iets laat maken.
16.00 – 22.00 uur: de lampionnen
Wees vóór 17.30 uur terug aan de Bach Dang, wanneer de scooters worden geweerd en de lampionnen aangaan. Steek over naar An Hoi voor de nachtmarkt aan de Nguyen Hoang — 150 kraampjes over 300 meter, open van ongeveer 17.00 tot 22.30 uur. Eet aan de An Hoi-kant met zicht op de oude stad en neem de boot om 21.00 uur, als de rijen weg zijn. Loop om 22.00 uur terug over de brug en je vindt de stad al leeglopen.
Waar eten in Hoi An
Hoi An heeft een eetcultuur die niet in verhouding staat tot zijn omvang, en verschillende gerechten die elders werkelijk niet fatsoenlijk bestaan. Wil je het grote plaatje, dan hebben we een hele gids over de Vietnamese keuken; hier gaat het om wat specifiek is voor deze stad.
Cao lau, en de waarheid over de put
Dikke, stevige bruingele noedels, plakjes char siu-achtig varkensvlees, verse kruiden, taugé, knapperige croutons van gefrituurd noedeldeeg en maar een paar lepels bouillon — het is geen soep. De noedels worden behandeld met loog van houtas, en dat is scheikunde, geen folklore: de carbonaten verstevigen het zetmeel en geven de kleur.
Dan de legende. Men zal je vertellen dat echte cao lau water uit de Ba Le-put uit de Cham-tijd vereist, en as van bomen op de Cham-eilanden. Beide waren ooit waar en geen van beide is dat nog betrouwbaar: de noedelfamilie gebruikt haar eigen put, en de eilanden zijn beschermd gebied, dus het hout komt van elders. Wat cao lau werkelijk aan Hoi An bindt, is een klein gesloten gilde van noedelmakers en een techniek die al vier generaties in de familie blijft. Dat is een beter verhaal dan de wonderput, en het heeft het voordeel controleerbaar te zijn.
Waar: Cao Lau Thanh, 26 Thai Phien, alleen ’s ochtends, sluit als het op is — 30.000 VND. Of Trung Bac, 87 Tran Phu, 7.30-22.00 uur. Reken op 30.000 tot 70.000 VND, afhankelijk van hoe toeristisch de zaak is. Wil je weten hoe het zich verhoudt tot de rest van de landskeuken, dan legt onze gids over Vietnamees eten de regionale verschillen uit.

Witte-roosdumplings, gefrituurde wonton en com ga

Banh bao banh vac, de „witte rozen”, komen in twee vormen op één bord: kleine pakketjes met gekartelde randen en garnalenpasta, en grotere halve maantjes met garnaal, varkensvlees en paddenstoel, allebei bedekt met knapperige gefrituurde sjalot. Het deeg is rijstmeel, vijftien tot twintig keer gefilterd. Je leest dat één enkele familie elk restaurant in de stad bevoorraadt — dat is overdreven; het gaat om een handvol families die een eeuwenoud recept bewaken. Ga naar het White Rose-restaurant, 533 Hai Ba Trung, 7.30-20.30 uur, 40.000 tot 150.000 VND per bord.

Hoanh thanh chien, gefrituurde wonton, is Chinees van oorsprong en werd hier gelokaliseerd door het knapperige deeg te beleggen met een verse salsa van tomaat, garnaal en kruiden — vanaf 50.000 VND. Com ga Hoi An is gepocheerde, geplukte scharrelkip op rijst die in de kippenbouillon met kurkuma is gegaard, met een salade van ingelegde ui en Vietnamese koriander. Een waarschuwing over het beroemdste adres: Com Ga Ba Buoi, Phan Chu Trinh 22, is een zestig jaar oude instelling waarvan de recente recensies zijn ingestort en waarvan de opening onbetrouwbaar is — medio 2026 staat het onderaan de restaurantlijsten van de stad. Neem liever Com Ga Huong, 58 Le Loi, of de eethal van de centrale markt.
De banh mi-kwestie: Phuong of Madam Khanh?
Banh Mi Phuong, 2B Phan Chu Trinh, 6.30-21.00 uur, 30.000 tot 50.000 VND, is beroemd omdat Anthony Bourdain er in 2009 voor No Reservations filmde en het een symfonie in een broodje noemde. Het is ook de zaak die in september 2023 drie maanden werd gesloten na een salmonella-uitbraak waarbij 313 mensen ziek werden, van wie 103 buitenlanders. Ze ging op 17 december 2023 weer open, betaalde zo’n 100 miljoen VND boete en draait sindsdien normaal. Dat is goed om te weten voordat je in de rij gaat staan, en dan beslis je zelf.
Madam Khanh — The Banh Mi Queen, 115 Tran Cao Van, 8.00-19.00 uur, 20.000 tot 30.000 VND, ligt een kilometer buiten de toeristische kern en maakt wat mij betreft het betere broodje. Het loopt sinds 1975, opgericht door Nguyen Thi Loc en haar man Khanh, naar wie buitenlandse bezoekers het kraampje vernoemden. Haar dochter runt het nu.

Echte restaurants en een kookles
Morning Glory, 106 Nguyen Thai Hoc, is het vlaggenschip van Trinh Diem Vy en de betrouwbare keuze voor goed gemaakt straatvoedsel in een historisch pand. Nu Eatery, 10A Nguyen Thi Minh Khai, in een steegje bij de Japanse Brug, is de beste keuken voor kleine gerechten in de stad — maandag gesloten, verder 12.00-21.00 uur, en reserveren is verstandig. Mango Rooms is verhuisd: alle oude gidsen noemen 111 Nguyen Thai Hoc, maar het zit nu op Phan Boi Chau 37, 8.00-23.00 uur, 400.000 tot 500.000 VND per persoon. Zusterzaak Mango Mango zit op Nguyen Phuc Chu 45 aan de kade van An Hoi.
Kooklessen zijn hier echt een goede besteding van een halve dag, omdat ze bijna allemaal op de markt beginnen en per boot verdergaan. De Red Bridge Cooking School in Cam Thanh biedt een halve dag van viereneenhalf uur voor zo’n 40 € en een hele dag van zeven uur voor zo’n 59 €, allebei bereik je stroomafwaarts per boot. Stadsbreed lopen de lessen van 24 tot 85 €. Het klassieke format — marktbezoek, mandbootje en kookles — propt de drie dingen waarvoor je naar Cam Thanh gaat in één ochtend.
Na zonsondergang: nachtmarkt, bars en de middernachtregel
De nachtmarkt op An Hoi
Nguyen Hoang-straat, op het eilandje An Hoi direct over de brug — 150 kraampjes over 300 meter, open van zonsondergang tot ongeveer 22.30 uur. Zijden lampionnen, keramiek uit Thanh Ha, borduurwerk en straatvoedsel voor 20.000 tot 50.000 VND. Ga om 17.00 uur als je de waar wilt bekijken, tussen 18.30 en 21.00 uur voor de sfeer, en zo’n twintig minuten na zonsondergang voor de foto.

De bars, en waarom om middernacht alles dichtgaat
Hoi An is geen uitgaansstad, en dat is bij wet zo geregeld. Een gemeentelijke regeling uit februari 2018, nog altijd van kracht, verplicht bars en restaurants vóór middernacht te stoppen met schenken, met vijftien minuten waarschuwing aan de gasten, en beperkt geluidsinstallaties na 22.00 uur tot 50 decibel. Ook het ronselen via xe om-chauffeurs is verboden. De oude stad valt dus echt vroeg stil, en dat is eerder een pluspunt dan een gebrek — het is de reden waarom de wandeling van 7.00 uur zo goed is.
Waar je heen kunt zolang het open is: Dive Bar, 88 Nguyen Thai Hoc, van 11.00 uur tot middernacht, is het vaste anker en de thuisbasis van Cham Island Diving, met pooltafel en op vrijdag live muziek. 7 Bridges Craft Beer, 36 Tran Phu en Market Bar, 2 Hoang Dieu zijn de betrouwbare avondopties; Mezcal Cocteleria, 38 Phan Chu Trinh en Mong Nguyet, 9 Nguyen Thai Hoc voor cocktails; The Hill Station, 321 Nguyen Duy Hieu en Tadioto, 54 Phan Boi Chau voor iets rustigers. Aan de kade van An Hoi Dublin Gate op nummer 21 en Tiger Tiger op nummer 35. Op het strand van An Bang gaan Soul Kitchen en Barefoot Beach Club, 30-32 Nguyen Phan Vinh later en losser door dan wat dan ook in de stad. Eén correctie op de lijstjes die nog rondgaan: Q Bar is in december 2018 gesloten.
Kleermakers en shoppen: zo gooi je je geld niet weg
Waarom juist hier, en hoe lang het echt duurt
De kleermakerswijk stamt rechtstreeks af van de zijdehandel die van de zestiende tot de achttiende eeuw over deze haven liep. De cijfers lopen uiteen — je leest „meer dan 650″ en je leest „honderden”. Zeg maar: enkele honderden, en vertrouw geen precies getal.
En nu de mythe van de „24 uur”, hier de belangrijkste bron van teleurstelling. Een eenvoudig overhemd kan in 24 tot 48 uur terugkomen. Alles met structuur vraagt twee tot drie dagen inclusief pasbeurten, en een goede zaak geeft je minstens één pasbeurt, een topzaak twee of drie. Reken op minstens drie dagen in de stad, liever vier of vijf. De kraampjes op de stoffenmarkt die een kledingstuk in vijf uur beloven, zijn degene waar de verhalen vandaan komen.
Wat het echt kost, en de vijf valkuilen
Realistische prijzen in 2026: een overhemd 18-30 €, een broek 26-52 €, een jurk 35-65 €, een colbert 44-92 € en een draagbaar herenkostuum vanaf 130-220 € tot 350 € of meer met goede stof. Alles wat daar ver onder wordt aangeboden, is een beslissing over stofkwaliteit, geen koopje.
- Bij de stof word je genomen. Synthetische mengsels gaan door voor wol en linnen, en sommige smelten onder het strijkijzer. Vraag de rol te zien, vraag naar de samenstelling en koop waar de rollen geëtiketteerd zijn.
- Aanbevelingen van hotels en chauffeurs lopen op commissie, en die commissie zit in jouw prijs.
- De winkel is vaak niet het atelier. Veel etalagezaken besteden uit, en het gat daartussen is de meest voorkomende reden dat een stuk verkeerd terugkomt. Doe zaken met wie de maat neemt.
- „Morgen klaar” betekent één pasbeurt of geen.
- Laat de prijs op papier zetten voordat er geknipt wordt, en controleer de naden voordat je de rest betaalt.
Gevestigde namen met hun echte adressen: Yaly Couture, met vier winkels in Hoi An waaronder 47 Tran Phu en 47 Nguyen Thai Hoc, is de grote betrouwbare naam. A Dong Silk, 62 Tran Hung Dao, BeBe Tailor, 05-07 Hoang Dieu en Kimmy Tailor, 70 Tran Hung Dao zijn de andere veelgenoemde ateliers. The Tailory, 85 Tran Hung Dao en Mr Xe, 71 Nguyen Thai Hoc hebben op eigen kracht een goede naam.
Wat verder de moeite waard is
Opvouwbare zijden lampionnen, uiteraard. Verder: Reaching Out, 131 Tran Phu is een sociale onderneming die ambachtslieden met een beperking in dienst heeft en keramiek, sieraden en huisraad tegen vaste prijzen verkoopt — de beste souvenirwinkel van de stad en de enige waar je koopt zonder te hoeven afdingen. Viet A, 90 Tran Phu voor lampionnen en tassen, Phuong Do, 26 Bach Dang voor snijwerk uit bamboewortel, 4 tot 37 €. Leren schoenen op maat worden overal in de stad gemaakt op basis van een foto of een paar dat je meebrengt, al noem ik liever geen schoenmaker die ik zelf niet heb geprobeerd.
Buiten de oude stad: My Son, de dorpen en de stranden
Dit is het deel dat wordt onderschat, en het is de helft van de reden waarom ik Hoi An boven elke andere plek in Vietnam zet. Ik huurde beide dagen een scooter en dat was veruit de makkelijkste manier om overal te komen; rijd je liever niet, dan is alles hieronder ook per fiets, taxi of halvedagexcursie bereikbaar. Onze gids over vervoer in Vietnam behandelt de rijbewijskwestie uitgebreid — kort gezegd: alles boven 50 cc vereist wettelijk een internationaal rijbewijs met motoraantekening, en rijden zonder maakt je reisverzekering ongeldig.
Het heiligdom My Son — ga om zes uur ’s ochtends

Zo’n 40 km ten westen van Hoi An hemelsbreed, 45 tot 55 km over de weg, een uur tot vijf kwartier rijden. My Son Sanctuary is 142 hectare hindoeïstische bakstenen tempels die de Cham tussen de vierde en de dertiende eeuw bouwden — tien eeuwen aaneengesloten bouwactiviteit op één plek, wat uitzonderlijk is. De eerste gedocumenteerde tempel liet koning Bhadravarman I oprichten, die van 380 tot 413 regeerde; er stond een aan Shiva gewijde linga in. De Franse archeoloog Henri Parmentier catalogiseerde hier in 1899 71 tempels en groepeerde ze van A tot K, en zo is het terrein nog steeds bewegwijzerd; de groepen B, C en D zijn het best bewaard.

In augustus 1969 bombardeerde de Amerikaanse luchtmacht de vallei, die de Vietcong als basis gebruikte. Toren A1, meesterwerk van de Cham-architectuur en het hart van het hele complex, werd verwoest — UNESCO omschrijft hem nu als weinig meer dan een vormeloze hoop bakstenen. In de bufferzone ligt nog altijd niet-ontplofte munitie die het archeologisch werk afremt. Blijf op de gemarkeerde paden; dat is geen advies om luchtig over te doen.

Praktisch: de poorten gaan rond 6.00 uur open, laatste toegang 17.30 uur, en het ticket kost aan de kassa 150.000 VND voor buitenlanders, waarbij de prijs voor iedereen wordt gelijkgetrokken — hij kan in 2026 bewegen. Inbegrepen zijn de gratis elektrische shuttle vanaf de parkeerplaats, het museum, de Cham-dansvoorstellingen (ongeveer zes of zeven per dag, de eerste rond 9.00 uur) en de ambachtsworkshops. De Engelse audiogids kost 50.000 VND.

Ga bij opening. Daarover zijn alle bronnen het eens, en ik met hen. De vallei is een door bergen gesloten kom, zonder wind en vrijwel zonder schaduw tussen de torens; midden op de dag is het een straf. De tours uit Hoi An en Da Nang vertrekken om 7.30 en 8.00 uur en komen tussen 9.00 en 11.00 uur aan, dus om 6.00 uur heb je het terrein zo goed als voor jezelf, met ochtendnevel in de vallei en strijklicht op rode baksteen. De op één na beste optie is 15.00 uur, wanneer de bussen vertrekken. Wil je het geregeld hebben, dan bestaat de vroege ochtendtour naar My Son met ontbijt precies om deze reden.
Tra Que, Thanh Ha en Kim Bong
Het groentedorp Tra Que, 3 km naar het noordoosten, een kwartier fietsen: achttien hectare, 202 telersgezinnen, gesticht in de zestiende eeuw en bemest met rong, het wier dat uit de naburige lagune wordt gebaggerd, zonder een gram kunstmest — daarom zijn de kruiden klein en verrassend aromatisch. Je kunt naast de boeren een perceel bewerken. Toegang 35.000 VND inclusief kruidendrank. In 2024 werd het door UN Tourism uitgeroepen tot Best Tourism Village, als enige Vietnamese dorp dat jaar uit 260 kandidaten uit 60 landen.
Het pottenbakkersdorp Thanh Ha, 3 km naar het westen aan de rivier, draait al 500 jaar potten. De toegang van 35.000 VND omvat het dorp, het gemeenschapshuis, een beurt aan de draaischijf en een kleifluitje om mee te nemen. Ernaast heeft het Thanh Ha Terracotta Park (8.00-17.30 uur, 50.000 VND volwassenen, 25.000 kinderen) een echt aardige miniatuurwereld van beroemde monumenten in terracotta, plus een Sa Huynh-Champa-museum.
Het timmermansdorp Kim Bong, op het eiland Cam Kim aan de overkant, is het stille. Gesticht in de vijftiende eeuw door soldaten van de families Huynh, Nguyen, Truong en Phan, bouwden zijn timmerlieden een groot deel van de oude stad waar je ’s ochtends doorheen liep en werkten ze aan de keizerlijke gebouwen in Hue. Je komt er met het pontje vanaf de Bach Dang-kade of per fiets over de brug; de veldwegen van het eiland zijn het mooiste makkelijke fietsen rond Hoi An. De toegang is gratis of kost een klein kaartje van 35.000 VND, afhankelijk van waar je binnenkomt.
Cam Thanh, het kokosbos en de mandboten
Drie tot zeven kilometer naar het zuidoosten, afhankelijk van de aanlegplaats, tien tot twintig minuten fietsen. Het is een nipapalmmoeras — brakke kanalen beplant met waterkokospalm — dat tijdens de oorlog Vietcong-strijders verborg. De thung chai, het ronde bamboe mandbootje, is een echt Vietnamees vissersvaartuig, geen toeristenvinding.
Je zult gelezen hebben dat Bay Mau een circus was geworden van luidsprekers, ronddraaiende bootjes en fooiendruk. Dat klopte, en het is meetbaar veranderd. Regeringsbesluit 282, van kracht sinds 15 december 2025, scherpte de geluidsregels aan met een uitdrukkelijke verwijzing naar draagbare karaoke-installaties, en in mei 2026 meldde een lokale aanbieder dat het karaokelawaai in de bewoonde delen van het kokosbos met bijna 100 % was gedaald ten opzichte van 2024-25, waarbij het hoofd van de gemeentelijke dienst bevestigde dat de klachten van bewoners waren opgehouden. Wat niet is veranderd, is de drukte tussen 9.00 en 11.00 uur, wanneer de bussen aankomen. Ga tussen 6.30 en 8.30 uur of tussen 15.00 en 17.00 uur. De toegang tot Bay Mau kost 30.000 VND; boek het bootje rechtstreeks aan de kade, waar het 250.000 tot 400.000 VND per boot kost voor twee volwassenen en de roeier, in plaats van via het hotel, waar precies dezelfde tocht 300.000 tot 500.000 kost. Een fooi van 50.000 tot 100.000 VND voor de roeier is gebruikelijk.
An Bang, Cua Dai en de Cham-eilanden
An Bang is het goede strand: 4 km rechtdoor over de Hai Ba Trung, vijftien tot twintig minuten fietsen over vlakke weg. Parkeren kost 5.000 tot 10.000 VND, gratis als je ergens eet; een ligbed is gratis bij een consumptie, anders 50.000 tot 100.000. Het zuidelijke uiteinde is geërodeerd — loop noordwaarts voor open zand. Soul Kitchen, The DeckHouse, La Riva en Phuong Beach Restaurant zijn de gevestigde eetadressen, en van september tot januari staan er golven om te surfen.
Cua Dai, 6 km verderop, heeft een beter verhaal dan zijn reputatie doet vermoeden. Het strand verloor bijna zijn hele breedte aan stuwdammen stroomopwaarts, zandwinning in de rivier en een tyfoon in 2014; een herstelprogramma tussen 2020 en 2024 kostte 550 miljard VND (zo’n 20 miljoen euro) en bouwde 2,3 km strand terug achter een onderwaterdam die een halve meter onder de oppervlakte ligt, 250 meter uit de kust, met ruim 100.000 kubieke meter zand erachter opgespoten. Dat middendeel heeft stormen en overstromingen doorstaan en er kan weer gezwommen worden. Voor de resterende 5,2 km loopt een tweede fase met een budget van 42 miljoen euro. Het is een aangelegd strand en dat merk je — maar een ruïne is het niet meer.
De Cu Lao Cham, de Cham-eilanden, zijn acht eilanden op 15 tot 21 km uit de kust, sinds 2003 marien park en sinds 2009 UNESCO-biosfeerreservaat. De speedboten vertrekken van de pier van Cua Dai om 8.00, 9.00 en 10.00 uur en doen er vijftien tot twintig minuten over; heen en terug kost 500.000 tot 600.000 VND, meestal inclusief een natuurbehoudheffing van 100.000 VND. Op het eiland zijn geen geldautomaten en geldt een verbod op plastic tasjes. Cruciaal: de verbindingen liggen een groot deel van het seizoen stil, ruwweg van oktober tot februari. Maart tot augustus is het betrouwbare venster, juni tot augustus is het water het helderst. Plan nooit een Cham-dag in een winterreis zonder alternatief.
Da Nang en de Marmerbergen
De Marmerbergen (Ngu Hanh Son) liggen bijna precies halverwege, zo’n 20 km van Hoi An — vijf kalkstenen heuvels genoemd naar de vijf elementen, waarvan alleen Thuy Son, de waterberg, voor bezoekers is ontsloten. Daar staan de pagodes Tam Thai en Linh Ung, grotheiligdommen, de Xa Loi-toren en uitzichten recht op de kust. Open 7.30-17.00 uur, in de zomer tot 18.00 uur. De toegang kost 40.000 VND; de lift is een apart kaartje, 15.000 enkel of 30.000 retour en bespaart je 156 treden, al doe je alles boven het plateau sowieso te voet. Am Phu, de Hellegrot met haar boeddhistische helletafereel en trap naar de hemel, kost nog eens 20.000 VND en is dat waard. Beide kassa’s nemen alleen contant geld.
Da Nang zelf ligt 30 km en 45 minuten tot een uur verderop en leent zich voor een makkelijk dagje uit: de Drakenbrug, het strand My Khe en de Ba Na Hills.
Waar overnachten in Hoi An
Hoi An heeft voor zijn omvang een ongewoon goed aanbod aan accommodatie, vooral omdat de erfgoedregels begrenzen wat er in de oude stad gebouwd mag worden: de resorts belanden daardoor in de rijstvelden en op het strand. Waar je slaapt verandert hier de reis meer dan elders.
Beste plek om te verblijven
In de oude stad of er pal naast heb je alles te voet en krijg je de straten van 7.00 uur, in ruil voor straatlawaai, kleinere kamers, dagjesmensen en de hoogste prijzen per vierkante meter. An Hoi en Cam Nam, aan de overkant van het water, liggen tien tot vijftien minuten lopen van het centrum en zijn bij gelijke categorie merkbaar goedkoper, al wordt An Hoi luidruchtig tijdens feesten. De rijstvelden van Cam Chau en Cam Thanh, 2 tot 5 km buiten, zijn de rustige optie en vragen een fiets of scooter. Het strand van An Bang, 4 km en een vlak kwartier fietsen, heeft de betere restaurants en een lokaler gevoel — en, in de herfst het doorslaggevende argument, het ligt buiten het overstromingsgebied.
Daarover gesproken: boek je tussen eind oktober en half december, dan gaat de Bach Dang als eerste onder water, gevolgd door de steegjes die naar de rivier aflopen. Blijf ten noorden van de Ly Thuong Kiet, mijd kamers op de begane grond bij de rivier en boek een annuleerbaar tarief. Tijdens de recordoverstroming van oktober 2025 moesten zo’n 40.000 bezoekers van het ene hotel naar het andere worden verplaatst.
Luxe en resorts
Anantara Hoi An Resort is de keuze als je luxe wilt waar je te voet uit kunt lopen: 94 kamers in koloniale stijl aan de Thu Bon op Pham Hong Thai 1, zo’n 650 meter van de oude stad, voor 130 tot 225 € per nacht. Four Seasons The Nam Hai speelt in een andere klasse — villa’s met privézwembad op het strand van Ha My, twintig minuten verderop, vanaf zo’n 560 €. Bel Marina Hoi An Resort op Nguyen Phuc Tan 127 aan de An Hoi-kant is de prijs-kwaliteitkeuze op 60 tot 120 € — en het is het vroegere Hoi An Silk Marina, recensies onder de oude naam gaan dus over hetzelfde hotel.
Boutique en middenklasse
Little Riverside Hoi An kijkt vanaf de zuidoever op de oude stad uit en heeft een infinity pool op het dak boven de rivier, 78 tot 145 €. Emerald Hoi An Riverside Resort ligt op het eiland Cam Nam tussen twee riviertakken, vijf fietsminuten van de Japanse Brug, en is met 39 tot 78 € de beste deal in deze klasse — het heette vroeger Vinh Hung Emerald. Zusterhotel Vinh Hung Riverside Resort & Spa ligt in de oude stad zelf.
Buiten in de velden: Hoi An Chic – Green Retreat heeft kamers op palen boven de rijstvelden, 2 km van het centrum (52-86 €), Lasenta Boutique Hotel Hoian doet hetzelfde in Cam Chau (39-73 €), en Legacy Hoi An Resort — vroeger Ancient House Village — ligt tussen de palmen van Cam Thanh. Maison Vy Hotel wordt gerund door dezelfde familie als Morning Glory en geeft eigen kooklessen.
Strand, budget en hostels
In An Bang is AIRA Boutique Hoi An Hotel & Spa de doordachte optie voor 47 tot 95 €, en Under The Coconut Tree Hoi An Homestay — bamboehutten op zes minuten van het zand, Nguyen Phan Vinh 169/1 — het best beoordeelde goedkope bed bij zee, 7 tot 10 € in de slaapzaal en 21 tot 39 € voor een privékamer.
In de stad is Hoianese Tranquil Heritage Hotel op Phan Boi Chau 30 de overlever van de oude Tribee-groep en uitstekend beoordeeld op 21 tot 39 €, terwijl Mad Monkey Hoi An — het vroegere Hoi An Backpackers — het hostel met zwembad en bar tussen stad en strand is, 7 tot 13 € in de slaapzaal.

Reistips: hoe kom je er, beste reistijd en de overstromingen
Hoe kom je in Hoi An?
Hoi An heeft geen vliegveld en geen treinstation. Alles loopt via Da Nang, 30 km naar het noorden.
Vanaf de luchthaven van Da Nang (DAD), 35 tot 45 minuten: Grab kost 250.000 tot 500.000 VND, een taxi op de meter 300.000 tot 450.000, een vooraf geboekte privétransfer 350.000 tot 700.000, en de gele stadsbus nummer 1 slechts 30.000 VND als je een uur over hebt. Veel hotels geven bij twee nachten of meer een gratis transfer, dus vraag ernaar voordat je iets boekt. Eén waarschuwing: buiten de aankomsthal vragen chauffeurs 800.000 tot 1.200.000 VND, ruwweg het dubbele van het echte tarief. Neem de officiële taxirij of bestel een Grab vanaf het ophaalpunt dat de app aangeeft — de wifi op de luchthaven is open en gratis, installeer hem dus voordat je landt.
Met de trein kom je aan op station Da Nang, Hai Phong 791, met de Reunification Express — 16 tot 20 uur vanaf Hanoi, 16,5 tot 19,5 uur vanaf Ho Chi Minhstad voor 31 tot 53 € afhankelijk van de couchetteklasse. SE-treinen met een oneven nummer rijden zuidwaarts, even naar het noorden. Het traject van drie uur Hue-Da Nang, waar het spoor over de klif boven de baai van Lang Co loopt, is de mooiste treinreis van Vietnam en het plannen waard. Kom je uit de bergen in het noorden: een directe lijn bestaat niet — de treinen uit Sapa eindigen in Hanoi, en daar stap je over op de Reunification Express naar het zuiden.
Vanaf Hue, 130 km: drie tot vier uur met de bus voor 120.000 tot 300.000 VND, of tweeënhalf tot drie uur met de auto door de tunnel — maar neem liever de Hai Van-pas en gun jezelf vier tot vijf uur met stops. „Hai Van” betekent zee-wolk, de pas piekt op 496 meter waar het Annamitisch Gebergte in zee duikt; hij vormde historisch de grens tussen Dai Viet en Champa en scheidt tot vandaag het klimaat van noord en zuid. Bovenop staat Hai Van Quan, een fort van de Nguyen-dynastie uit 1826 met Franse en Amerikaanse bunkers erbovenop, gratis te bezoeken, met de baai van Da Nang aan de ene en de lagune van Lang Co aan de andere kant. Motoren zijn in de 6,3 km lange tunnel verboden, en juist daardoor blijft de pas berijdbaar.
Om echt te boeken is 12Go voor de transfer Da Nang-Hoi An het eenvoudigste hulpmiddel, of het traject Hue-Hoi An als je over de pas komt: het vergelijkt bussen, busjes, treinen en privéauto’s op één plek en accepteert internationale kaarten. Doorkruis je het land in de lengte, boek dan op dezelfde manier de etappe Hanoi-Da Nang of Ho Chi Minhstad-Da Nang.
Vervoer ter plaatse
De oude stad doe je te voet: ze meet nauwelijks meer dan een kilometer van uiteinde tot uiteinde en is grotendeels autovrij. Neem voor de rest een fiets: een stadsfiets kost 25.000 tot 50.000 VND per dag en de meeste accommodaties lenen hem gratis uit, een e-bike 150.000 tot 250.000, een scooter van 50 cc 125.000 tot 175.000 en een van 100-160 cc 150.000 tot 250.000. Helm verplicht. Alles boven 50 cc vereist een internationaal rijbewijs met motoraantekening; de boetes voor rijden zonder liggen tussen 35 en 70 € — en belangrijker: de verzekering keert niet uit.
Beste reistijd
Februari tot mei is het goede seizoen, en april is met 77 mm de droogste maand van het jaar — toen was ik er, en het weer was vlekkeloos. Juni tot augustus is heet, gemiddeld 29 tot 30 °C, en vochtig, met korte hevige buien en veel Vietnamese vakantiegangers. September tot januari is het regenseizoen, en de cijfers zijn wreed: die vier maanden brengen 1.538 mm van de 2.490 mm per jaar, dus ongeveer 62 % van de jaarregen in een derde van het jaar. Het tyfoonseizoen loopt van september tot november.
De overstromingen, eerlijk gezegd
Hoi An loopt onder. Niet af en toe: bijna elk jaar, in oktober en november, en de stad is ervoor gebouwd. Het water komt tot knie- of heuphoogte in de straten dicht bij de Thu Bon, winkels brengen hun waar naar boven, bewoners doen boodschappen per boot, de historische panden sluiten een paar dagen en daarna ruimt de stad op en gaat weer open. De ingekerfde hoogwatermerken in huis Tan Ky en het plafondluik in huis Phung Hung zijn drie eeuwen van hetzelfde gesprek.
Het ijkpunt is recent. Op 30 oktober 2025 bereikte de Thu Bon 5,62 meter, het hoogste peil in zo’n zestig jaar; landelijk vielen 35 doden, meer dan 16.000 huizen liepen onder, en in Hoi An moesten zo’n 40.000 bezoekers van hotel wisselen. De oude stad ging op 1 november weer open voor bezoekers — achtenveertig uur na de piek. Dat is de eerlijke maat van de zaak: niet dramatiseren, in oktober of november geen niet-annuleerbare tarieven boeken, een annuleringsverzekering nemen en ruimte in het programma laten. Plan je de hele route: onze gids over een reis naar Vietnam plannen legt uit hoe de seizoenen van de drie landsdelen elkaar tegenspreken.
Lees ook: Midden-Vietnam

Da Nang
Dertig kilometer noordwaarts: de Drakenbrug, het strand My Khe, de Marmerbergen onderweg en de Ba Na Hills boven de stad. Lees meer

Hue
De keizerlijke hoofdstad, drie uur noordwaarts over de Hai Van-pas. De Citadel, de koningsgraven langs de Parfumrivier en de beste keuken van Midden-Vietnam. Lees meer

Vietnamese keuken
Pho, banh mi, bun cha, cha gio en de regionale gerechten waarvoor je het land doorkruist — de complete gids over eten in Vietnam. Lees meer
Veelgestelde vragen over Hoi An
Hoeveel dagen heb je nodig in Hoi An?
Voor de meeste mensen zijn drie dagen het juiste antwoord. Eén dekt de oude stad en de lampionnen, de tweede brengt je naar My Son en een ambachtsdorp, de derde laat je het strand of de rijstvelden — en drie dagen zijn tegelijk het minimum om fatsoenlijk kleding te laten maken. Ik had twee nachten en er ontbrak er één.
Moet je het ticket voor de oude stad van Hoi An echt kopen?
Om door de straten te lopen niet — dat is gratis, en de poging uit 2023 om dat te veranderen werd binnen een dag opgegeven. Voor elk van de circa twintig historische panden heb je het wel nodig, en aan de deur wordt ernaar gevraagd. Voor 120.000 VND en ongeveer vijf locaties is het een goede prijs, en een flink deel van de opbrengst helpt eigenaren van beschermde huizen bij het herstellen van hoogwaterschade.
Wanneer is het lampionnenfeest in Hoi An?
Op de veertiende dag van elke maanmaand, dus de avond vóór volle maan, twaalf of dertien keer per jaar en niet één keer. De resterende data van 2026 zijn 24 september, 23 oktober, 22 november en 22 december; 2027 opent op 21 januari en 19 februari. De elektrische verlichting van de oude stad gaat van ongeveer 18.00 tot 22.00 uur uit.
Is de Japanse Brug na de restauratie open?
Ja, ze ging op 3 augustus 2024 weer open na negentien maanden werk en is sindsdien volledig te bezoeken. Zo’n 60 % van het oorspronkelijke hout werd bewaard en teruggeplaatst en men besloot niet opnieuw te schilderen, waardoor sommige bezoekers klagen dat ze er te nieuw uitziet.
Wat is de beste reistijd voor Hoi An?
April, met gemiddeld amper 77 mm regen en 27 °C. Februari tot mei is over het geheel het betrouwbare venster. Mijd oktober en november, die respectievelijk 419 en 459 mm krijgen en de jaarlijkse overstromingen brengen.
Hoi An loopt onder — moet me dat tegenhouden?
Het loopt bijna elk jaar onder in oktober en november, en nee, de rest van het jaar hoeft dat je niet tegen te houden. Zelfs na de recordoverstroming van 30 oktober 2025 ging de oude stad binnen achtenveertig uur weer open voor bezoekers. Moet je in de herfst reizen, boek dan annuleerbare tarieven, blijf ten noorden van de Ly Thuong Kiet of aan het strand van An Bang, en laat ruimte in het programma.
Hoe kom je van de luchthaven van Da Nang naar Hoi An?
Het is 30 km en 35 tot 45 minuten. Een Grab kost 250.000 tot 500.000 VND, een taxi op de meter 300.000 tot 450.000, en de gele stadsbus nummer 1 kost 30.000 VND. Veel hotels geven vanaf twee nachten een gratis transfer. Negeer de chauffeurs die je buiten de aankomsthal aanspreken voor 800.000 tot 1.200.000 VND.
Is My Son de moeite waard vanuit Hoi An?
Ja, als je bij opening gaat. Het is een hindoeïstisch tempelcomplex uit de vierde tot de dertiende eeuw — het spirituele centrum van het Cham-rijk, UNESCO-erfgoed sinds 1999 — op ongeveer een uur rijden. De vallei heeft geen schaduw en geen wind, en de touringcars komen tussen 9.00 en 11.00 uur aan, dus om 6.00 uur present zijn verandert het bezoek volledig.
Hoe lang doen de kleermakers van Hoi An er echt over?
Twee tot drie dagen voor alles met structuur, pasbeurten inbegrepen. De belofte „klaar binnen 24 uur” betekent één pasbeurt of geen, en het is de meest voorkomende klachtenbron. Een draagbaar kostuum begint realistisch bij 130 tot 220 €, een overhemd bij 18 tot 30 €.
Is de mandboottocht in Cam Thanh een toeristenval?
Het was hard op weg er een te worden, en het is echt verbeterd. De nieuwe landelijke geluidsregels, van kracht sinds december 2025, hebben het karaokeprobleem in de bewoonde delen van het kokosbos vrijwel weggenomen. De drukte tussen 9.00 en 11.00 uur is nog steeds echt, ga dus tussen 6.30 en 8.30 uur of tussen 15.00 en 17.00 uur en boek aan de kade in plaats van via je hotel.
Welk strand is beter, An Bang of Cua Dai?
An Bang, om het eten en de sfeer, en het ligt met 4 km ook dichterbij. Cua Dai is niet langer de geërodeerde ruïne van weleer — een herstel van 550 miljard VND bouwde tussen 2020 en 2024 2,3 km strand terug achter een onderwaterdam, en er kan weer gezwommen worden — maar je merkt dat het aangelegd is, want dat is het.
Ligt Hoi An nog in de provincie Quang Nam?
Nee. Quang Nam werd op 1 juli 2025 samengevoegd met de stad Da Nang, als onderdeel van de terugbrenging van Vietnam van 63 naar 34 provincies, en Hoi An is nu een stadsdeel van Da Nang. Elk adres of elke vermelding waar nog „Hoi An, Quang Nam Province” staat, is verouderd — al zul je het nog jaren tegenkomen.